© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Johnny Umans

© Johnny Umans

© Johnny Umans

© Johnny Umans

© Stijn Bollaert

© Stijn Bollaert

© Stijn Bollaert

© Stijn Bollaert

© Johnny Umans

© Johnny Umans

© Xavi Catalá

© Xavi Catalá

© Stijn Bollaert

© Stijn Bollaert

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Johnny Umans

© Johnny Umans

© Xavi Catalá

© Xavi Catalá

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© Jan Kempenaers

© SBA

© SBA

Masterplan en uitbreiding deSingel Antwerpen, fase 4.1 en fase 4.2

De nieuwbouw situeert zich tussen de snelweg, de Jan Van Rijswijcklaan, één zijde van de achtvormige laagbouw en het hellend vlak van de wandelgang naast de Blauwe Zaal. De nieuwe laagbouw, een gesloten plint, herbergt ondersteunende functies van deSingel en de kantoren van het Vlaams Architectuurinstituut. De hoogbouw, een horizontale schijf, verheft zich boven zowel de nieuwe als de bestaande laagbouw en is structureel onafhankelijk. Deze horizontale schijf profileert zich als een baken aan de ring en gaat de dans aan met de drie torens van Stynen in de omgeving: het BP-gebouw (nu AXA), het Cresthotel (nu Crown Plaza) en de verticale schijf boven de zalen van deSingel. Dit volume bevat de ruimtes voor het conservatorium. Tussen de plint en de horizontale schijf bevindt zich een transparante doos met publieke functies. Die sluit aan op de bestaande wandelgangen van de Blauwe en de rode zaal en huisvest ondermeer een multimediale leeszaal en een café-restaurant.

Het ontwerp van het gebouw omvat een reeks van prikkelende procedés. Ruime circulaties voeren het publiek langs de buitenzijden van het gebouw. Grote raampartijen bieden uitzicht op het stedelijke landschap en op het ringverkeer, waardoor het contact met de buitenwereld behouden blijft. Tegelijkertijd wordt de bezoeker middels doorkijken, in elkaar overlopende ruimtes en onverwachte dieptezichten blootgesteld aan de interne werking van het ontwerp. Er wordt ingezet op verwondering, nieuwsgierigheid, avontuurlijkheid, “goesting”. De kunstcampus is een dynamische omgeving; de betrachting is alle mogelijkheden die deze nieuwe infrastructuur te bieden heeft, optimaal te laten renderen voor publiek, artiesten en studenten.